20171122

Schoonvader Jaap



Susan Biemans uit Groningen vond dit boodschappenbriefje op de kast bij haar schoonvader Jaap Beets. Hij is maandag 13 november op 90-jarige leeftijd overleden, mailt ze. "Tot op de dag dat hij een herseninfarct kreeg (4 november) deed hij nog steeds zelf zijn boodschappen en kookte nog zelf." De volgende dingen vallen haar op bij het bestuderen van het briefje:

* gestandaardiseerd weeksysteem
* heel erg zuinig met papier, er staan voor wel 17x boodschappen op
* appels altijd per 6, at dus veel appels, geen ander fruit
* in het weekend nasi
* potgroente altijd van Hak: r.k. is rode kool, r.b. is rode bieten
* at veel yoghurt en vla

Een mooi briefje van een bijzondere schoonvader.
In mijn analyse:

+ geen man van veel woorden, maar als hij sprak kwam alles er in één adem uit
+ iemand die echt op zijn strepen kon gaan staan als het moest
+ hij kon resoluut ergens een streep onder zetten, als hij er klaar mee was
+ Jaap droomde graag, maar niet van geld
+ veel geld had hij niet te besteden, maar hij maakte er altijd het beste van
+ soms kon hij wel de schijn ophouden en maakte het mooier dan het was
+ hij was een trotse man en trouw bovendien, op hem kon je bouwen

Wat valt jullie op bij dit briefje?


20171025

Floppy's, mascara en koffie

Gastanalyse van Hanneke Hendrix
Omdat ik ga verhuizen zocht ik de stapels boeken uit, die ik al verhuizing na verhuizing met me meesleep zonder ze tussendoor in te kijken. Ik vond in een oud toneelboek een lijstje notities uit de eerste van de schrijversopleiding in Utrecht, met achterop een boodschappenbriefje.
Ik moest kopen: Floppy's, mascara en koffie.
Ik vind dat een aardige samenvatting van mijn gehele tijd daar.

Vanaf 2005 studeerde ik aan de schrijversopleiding van de Utrechtse toneelschool. Achteraf bezien was het een heerlijke tijd. Er was wel al internet en zelfs al zoiets als Hyves, maar bijna niemand had nog een laptop, laat staan een smartphone, en dus hadden we een werklokaal met aftandse computers. Daar zat je naast elkaar, schouder aan schouder, te zwoegen aan het zoveelste toneelstuk dat je schreef voor de la, of, in het beste geval, voor iemand van de acteursopleiding waar je tijdens het roken vrienden mee was geworden. In dat lokaal stond een koffiezetapparaat. Ik weet nog dat iemand op een ochtend woest zich van het aanrecht omdraaide, een pak decafé omhoog hield en brulde: “WIE HEEFT DIT HIER IN GODSNAAM NEERGEZET!?”.
Niemand zei iets. We zijn er nooit achtergekomen.
De PC’s in het lokaal waren aftands. Zo aftands dat ze zelfs een lade voor zowel grote floppy’s als kleine floppy’s hadden. Ik weet dat, omdat ik een oeroude laptop had, waar geen internet op zat en waarmee je je werk alleen via de kleine harde floppy’s kon transporteren. Je kon die toen gewoon nog bij de HEMA kopen, gekleurde harde plaatjes in een doorzichtig doosje. Ik heb dat doosje bij de vorige verhuizing in 2012 pas weggegooid.

En de mascara spreekt voor zich. Ik dronk toen alleen maar koffie en at doorgaans niks, dus zelfs in een jutezak zag ik er nog goed uit.

Floppy's, mascara en koffie.
Ik vind dat een aardige samenvatting van mijn gehele tijd daar.


20171009

Boodschappenreis

Gastanalyse van Karin Somers
Twee keer per week ga ik op vakantie. De geuren van verse groente, onverklaarbare pakjes kruiden, een wirwar aan talen om me heen. Tijdens mijn wekelijkse boodschappen bij de Turkse groentewinkel op de hoek waan ik me in het buitenland. De Turkse eigenaar spreekt ook een aardig woordje Maastrichts. Zo kom ik thuis in het buitenland. Het was op zijn vloer dat ik dit boodschappenlijstje vond. In het Arabisch, maar daar hield mijn kennis van deze taal op.

De tweede keer dat ik wekelijks op vakantie ga, is naar mijn taalmaatje. Ze woont met haar Syrische gezin aan de andere kant van de stad. Met mijn fiets reis ik naar hun wereld. In de Maastrichtse flat waan ik mij weer in het buitenland. We oefenen het Nederlands, maar natuurlijk wordt er af en toe onderling Arabisch gesproken. Uit hun keuken komen geuren van specerijen die ik niet in mijn kruidenrekje heb staan. En regelmatig krijg ik iets heerlijks te snoepen uit hun thuisland. Ik voel me een rijk mens.

Dus toen ik het Arabische boodschappenlijstje vond, wist ik bij wie ik terecht kon.

Een ontmoeting van werelden. Eerst ontstond er wat verwarring over het lijstje. Is het een boodschappenlijstje of recept? Dat kon natuurlijk ook nog. Nee, het was toch echt een boodschappenlijst. “Het is van iemand uit Damascus!” roept zoon. Er ontstaat een discussie in het Arabisch. De uitkomst: het is van iemand uit Irak. Mijn taalmaatje legt het verschil uit. Ze wijst naar een krul in een van de woorden. “Dat spreken wij anders uit.” De verschillende klanken zijn voor mijn Nederlandse oren bijna onhoorbaar. Dan volgt de vertaling. Koriander, okra, baklava, citroen. “Dit tweede woord kennen wij niet. Misschien dille?” Het blijft een mysterie. “Maar dit is door een kind geschreven” zegt mijn taalmaatje en wijst naar het voor mij geheimschrift. Ze draait het blaadje om. “Kijk, hier is hij de cijfers aan het oefenen.” Ze leest van rechts naar links. Ondertussen haalt haar man alle ingrediënten uit de keuken. Ik ruik aan de koriander, bekijk de kleine okra. Mijn wekelijkse reis is weer compleet.

 

20170715

Plakboeken vol briefjes

Mieke Elgersma (46) uit Leeuwarden is een vaste inzender van boodschappenbriefjes. Eerder verschenen er al twee verhalen op deze site (zie hier en hier). Mieke verzamelt de lijstjes sinds een aantal jaar en bewaart de meeste in een plakboek. Tijdens de laatste opruimbui besloot ze de boeken te doneren aan de Volkskrant-rubriek Boodschappenbriefjes. Tijd voor een kort interview met een boodschappenbriefjesverzamelaar.

Wat een hoop briefjes in de boeken. Werk je soms in een supermarkt?
Nee, ik werk in een bioscoop. Daar vind je wel rommel maar geen briefjes. Ik vind de briefjes tijdens het boodschappen doen. In Leeuwarden heb je verschillende supermarkten. Een Albert Heijn, Lidl, Aldi, Jumbo en Poiesz. Ik kom zelf meestal bij de laatste twee. Poiesz is een traditionele Friese supermarkt en vooral ingesteld op gezinnen. Bij ‘mijn’ Jumbo is het vaak smoordruk, buiten de buurtbewoners komen er ook veel studenten, scholieren, zwervers en verslaafden.

Hoe kwam je erbij om de briefjes mee te nemen en te bewaren?
Op zaterdag kocht ik soms de Volkskrant en zag dan de rubriek in het magazine. Mijn moeder had een briefje gevonden en gaf dat aan me. Vanaf dat moment zag ik ze zelf ook en besloot ze te gaan verzamelen. Ook collega’s gaven ze vervolgens aan mij. Mijn eigen lijstjes gooi ik altijd weg, dus die vindt niemand. Hahaha. Ik denk dat ik er in een jaar of drie een kleine honderd heb verzameld.
Wat vind je zo leuk aan de briefjes?
Vaak vind ik de spelling heel vermakelijk. Je kunt ook vaak zien dat iemand de indeling van de supermarkt volgt. Of mensen schrijven er persoonlijke boodschappen op, als opdracht voor een ander. Ook waar het op gemaakt is, vind ik leuk. Dat kan variëren van een stukje agenda en envelop met adres tot een hip kladblokje of een memoblaadje met André van Duin erop.

Ik vind de boodschappenbriefjes ook leuk omdat ik ongeveer eens per maand vanwege een flyeractie voor de lokale voedselbank in supermarkten kom. We staan dan bij de poortjes en de winkelmandjes van de supermarkt met, jawel, een boodschappenlijstje. Mensen weten dan wat ze zouden kunnen meenemen. Na de kassa volgt een kraam waar ze de boodschappen kunnen inleveren. De standaardlijstjes vissen we uit de karren en mandjes voor hergebruik en daar liggen ook reguliere boodschappenlijstjes van mensen. Die bewaar ik dan weer voor mezelf.

Heb je het idee dat het iets zegt over de makers van het briefje?
Je kent de mensen niet, maar leert ze toch een beetje kennen door de briefjes. Ik probeer vaak in te schatten of het om een ouder of jonger iemand gaat. Soms herken je het handschrift van een eerder briefje, die herkenning is leuk. Favoriet zijn toch wel de briefjes met een hilarische spelling, waarschijnlijk van mensen die Nederlands niet als eerste taal hadden, of met lage opleiding? Zelf schrijf ik ook typische dingen op, zoals apoesap. Mijn neefje, inmiddels is hij dertig, zei dat vroeger altijd omdat appelsap te moeilijk was. Dat heb ik overgenomen.

Hoe zien jouw eigen briefjes eruit?
Mijn briefjes zijn heel verschillend. Meestal hangt er een lijstje op de koelkast waar ik geregeld dingen op schrijf. Of ik maak een kladbriefje als ik achter de computer zit. Meestal maak ik per winkel een briefje. Dingen voor de Action schrijf ik meestal niet op. Daar haal je toch altijd meer dan je van tevoren had bedacht. Heb je vuilniszakken nodig, dan kom je terug met pennen en tien andere dingen. Soms staan er vreemde boodschappen op omdat Lidl speciale aanbiedingsweken heeft met spullen uit allerlei landen. Zo heb ik Chinees en Grieks bier al eens geprobeerd. Nu zijn het de Slavische weken met Roemeens bier. Dat wil ik wel eens proberen.

Waarom heb je je verzameling briefjes weggeven?
Ik had een opruimbui en was begonnen met alle boeken opruimen. Het staat er maar, wat moet je ermee? Ik wilde het niet wegdoen, daarom heb ik het opgestuurd. Je kunt alles wel bewaren. Ik heb nu alleen kleine verzamelingen, zoals actiefiguurtjes uit de SF tv-serie Doctor Who. Vroeger had ik een hele vitrinekast vol vakantiesouveniers, vooral van andere mensen. Ik gooi spullen zelden weg, maar geef het aan een goed doel, kringloopwinkel of weggeefboekenkast.

Blijf je ze wel verzamelen?
Jawel, in een envelopje. Ik ga ze niet meer inplakken. Of het moet een hele mooie zijn.

20170630

Promotie: het ware verhaal

Stan van Pelt was zijn cv aan het updaten en zocht daarvoor een link naar zijn proefschrift uit 2009, dat online te vinden moest zijn in de universiteitsbibliotheek. Toen hij de titel intikte kwam hij echter niet bij zijn proefschrift, maar wel bij dit boodschappenbriefje. Hij wist niet wat hij zag.

Als analyse bij het briefje staat:
Het moet een behoorlijk saaie promotie zijn geweest, over Dynamic neural representations of human visuomotor space. Dat klinkt ook erg ingewikkeld, maar het gaat er simpelweg om 'welke coördinaten onze hersenen uitkiezen om de positie van een voorwerp ten opzichte van ons lichaam uit te drukken op de mentale kaart'. Stans oma wilde er per se bij zijn. Haar kleinzoon krijgt een belangrijke titel van de universiteit, vertelde ze trots tegen de vrouwen van de borduurclub. Maar ze kon de verdediging van zijn proefschrift niet volgen- precies zoals Stan had voorspeld. Heel onopvallend, zodat niemand het door had, krabbelde ze haar boodschappen achterop de uitnodiging. Ze zou een lekkere taart voor hem bakken. Met een pakje appelsap of diksap, mag hij kiezen. Net zoals vroeger, toen hij nog klein was. En zij nog niet incontinent.


Via Twitter zocht hij contact. “Ik vond het echt hilarisch, een bijzonder neveneffect van de boekenleggers bij mij promotie. Daar waren er veel meer van dan proefschriften, ik denk wel honderd meer dan de 250 boeken. Veel raak je er wel kwijt, maar we hebben de boekenleggers ook nog twee, drie jaar als boodschappenbriefje gebruikt. Daar zijn ze heel praktisch voor.”


Het was dan ook niet zijn oma die het briefje schreef tijdens de promotie, maar zijn vrouw Inge. “Dat was dus niet tijdens de promotie, maar veel later in 2011. Ik denk dat we een feestje hadden, met appeltaart. Koffiemelk drinken we zelf niet, dus waarschijnlijk kochten we dat voor het bezoek.”

Luiers
Ook de luiers waren niet bestemd voor een incontinente oma, maar voor hun jongste dochter, toen ongeveer een jaar oud. “Inmiddels is mijn oma overleden, maar ze was wel bij mijn promotie. Het maakte wel indruk op haar, die hele poppenkast op de universiteit.”

Na zijn promotie deed Stan vervolgonderzoek. Eerst aan de Radboud Universiteit, daarna twee jaar in Frankfurt. “Ik ben daarna teruggekomen en ben me sinds april aan het heroriënteren op werk, vandaar dat ik mijn cv aan het bijwerken was.”

Lichtknopje
Volgens Stan klopt de omschrijving van zijn promotieonderzoek in de briefjesanalyse behoorlijk goed. “Ik heb destijds onderzocht hoe hersenen onthouden waar de dingen om je heen zijn gebleven. Hoe je ’s nachts het lichtknopje in het donker kunt vinden, welke referenties je hersenen dan gebruiken. Het blijkt dat je daarvoor vooral je kijkrichting gebruikt.”

De afgelopen jaren onderzocht Stan vooral hoe hersenactiviteit samenhangt met allerlei hersenfuncties, zoals waarneming en beweging. “Ik heb gekeken naar individuele verschillen bij mensen. Bij eeneiige tweelingen zie je dezelfde hersenactiviteit bij eenzelfde plaatje, maar bij twee-eiige tweelingen is dat verschillend. Een hersenplaatje is dan net een vingerafdruk.”


Supermarktreclame
Het kunstwerk op de boekenlegger is trouwens een beeldcitaat van een muurschildering op de voorkant van zijn proefschrift. “Gemaakt door een vriend van mij, Jasper van der Graaf. Die boekenlegger is daarmee dus ook een soort supermarktreclame voor zijn werk geworden, hahaha.”

Met de boekenlegger als boodschappenbriefje lieten Stan en Inge in ieder geval een indruk achter van hun leven op dat moment in 2011. En die vind je dan zomaar zes jaar later terug, in 2017. Mooi hoe dat gaat. <3

Tekst: Tefke van Dijk | Foto's promotie: Martijn Dorenbosch

20170601

Onderdoos van Belbake

Lezerspost
Hallo Tefke,

Vandaag vond ik bij LIDL Cambuurplein te Leeuwarden bijgaande boodschappenbrief, in de vorm van een onderdoos van Belbake. Belbake is een eigen merk van LIDL.
Zo'n doos die je in de winkel wel eens pakt (ik wel) om dat je tóch meer meeneemt dan de 3 dingen waar je voor kwam...
Thuis gekomen, ja, wat doe je dan met zo'n doos, maak je een boodschappenlijst voor de volgende keer. Wellicht was een ander stuk papier niet voorhanden.
Degene die de lijst maakte, is ook ordelijk, alles is doorgestreept.
Alleen de hondebrokken niet, die waren kennelijk niet aanwezig.

Groetjes, Mieke Elgersma, Leeuwarden.



20170427

Broodjes op de Vrijmarkt


Gastanalyse van Karin Somers

Hoor je het telefoongesprek al? “Waar moet ik die broodjes dan afhalen?” Aan de andere kant klinkt een zucht. “AfBAKbroodjes, dus gewoon uit de supermarkt.” Het eerste misverstand is al opgelost. Aan de cijfermatige toelichting zal het in ieder geval niet liggen. Maar wordt er nu een ei bedoeld of een doosje? De boodschapper gaat voor het laatste.

Er moet immers ’s ochtends met een stevig ontbijt worden begonnen. De kleur van het boodschappenlijstje verraadt de ware toedracht van de gang richting grootgrutter. Het wordt een gezellige lunch, donderdag op de vrijmarkt.

De broodjes worden van tevoren gesmeerd. “Wie had er filet-american?” klinkt het vanachter het dienblad. “Ik had gezond!” wordt er bibberig geantwoord. Aan de warme broodjes worden koude handen opgewarmd. Wat een geluk met zo’n plekje voor het huis.

Aan het einde van de dag worden de centen geteld en verdwijnen de niet-verkochte spullen in de container. Was het toch niet helemaal voor spek en bonen.

20170306

Duitse boodschappen

Gastanalyse van Marjon Borsboom
In de bijna vier jaar die ik nu in Leipzig woon, heb ik nog nooit een boodschappenbriefje gevonden. Zelfs niet gespot in de handen van een shopper in de supermarkt. Doen Duitsers niet aan lijstjes? Schamen ze zich ervoor? Geen idee! Het bleef me bezighouden.

Tot 1 maart. Ik zag bij het terugbrengen van mijn winkelwagentje dat er een post-it aan een handvat kleefde. Mijn hart maakte een klein sprongetje. Een Duits boodschappenlijstje, dus toch! Al jaren ben ik fan van de briefjespsychologie in Volkskrant Magazine. Eenmaal thuis stuur ik een foto van het schrijfsel via een tweet aan Tefke van Dijk. “Schön”, reageert ze. We analyseren wat over en weer. En dan vraagt ze of ik een gastanalyse wil schrijven...

 

Waar te beginnen? Wat me direct fascineert: de boodschappen zijn achter elkaar opgeschreven, in plaats van onder elkaar. Omdat ik de betreffende supermarkt goed ken, zie ik dat de boodschappenvolgorde de winkelindeling volgt. Wat knap! In een keer alles vloeiend opschrijven, terwijl je jezelf in de supermarkt waant. Mijn chaotische lijstjes ontstaan altijd door misgrijpen en opmaken, aangevuld met waar ik trek in heb. Waardoor ik vaak kriskras door de winkel sjees.

Tot zover de vorm, nu de inhoud. Een lichte teleurstelling overheerst. Heb ik eindelijk een boodschappenlijstje, is het niet bepaald spannend. Bier. Aluminiumfolie. Gekookte ham. Rijst. Die onderdelen herkent iedereen wel. Maar voor een aantal elementen is wat kennis van typisch Duits eten vereist. “Geschnetzeltes” bijvoorbeeld, reepjes vlees. Vaak van het varken, nog altijd oververtegenwoordigd in het Duitse eetpatroon. Maar ook verkrijgbaar in kip of kalkoen. Wij zouden het roerbakvlees noemen. Geschnetzeltes worden meestal geserveerd in een romige champignonsaus. Dat verklaart meteen de “Pilze” (paddenstoelen) en de “Schmand” (extra vette zure room). Maar gaat de shopper dit gerecht nu eten met rijst of met Kartoffeln? In ieder geval met “Erbsen” (erwtjes), gok ik. Overigens maakt de Schmand dit tot een écht Oost-Europees boodschappenbriefje. Nergens wordt het ingrediënt zo veel gebruikt als in de landen die vroeger achter het IJzeren Gordijn zaten. Waarschijnlijk omdat het troostrijk was, zo’n dikke klodder room door je variatie-arme maal.

Goed, we gaan verder. Ook Duitsers hebben soms geen zin of tijd om te koken. Vandaar de “Bohneneintopf”, een kant-en-klare bonenmaaltijd in blik. Waarschijnlijk geserveerd met de gekookte ham, in reepjes. Blijven er nog vier elementen over. Hafer, Hülsen, Hack en Breakie’s. Die kan ik met al mijn zorgvuldig opgebouwde warenkennis niet direct plaatsen. Verse haver zal de briefjesschrijver zeker niet bedoelen. Havervlokken dan maar? Hülsen zoek ik op in het woordenboek. Er blijkt een -n te veel te staan. Hülse zijn peulvruchten. Maar welke dan? En wat is Hack? Bedoelt hij/zij Hackfleisch (gehakt)? En zijn Breakie’s nu brokjes voor katten of honden, of toch een ontbijtgranen-merk? Ze bestaan beide. Het zal voor altijd duister blijven...

20170115

#meerdanleuk: Friese Eritreeër


Beste Tefke,
Bijgaand briefje vond ik bij de Aldi in St. Annaparochie. Het schrift lijkt wel Cyrillisch, wat opvalt zijn de forse hoeveelheden. Weet niet of het interessant genoeg is voor publicatie, maar ik wilde het je niet onthouden als fan van je rubriek,
Mei freonlike groetnis



Leuk, een uitdaging!

Navraag leert al snel het geen Cyrillisch is. Georgisch ook niet, maar wat dan wel? Armeens misschien? Een eigen geheimtaaltje? Of gewoon een heel raar handschrift?

Tijd voor Twitter.

Nu is het een uitdaging voor vele mensen. Een greep uit de reacties: 
  1. Amhaars (አማርኛ, Ethiopië)
  2. Steno
  3. Koreaans (fonetisch)
  4. Chinees
  5. Tigrinya: (ትግርኛ ፊደል, Eritrea)
Tigrinya ligt op een bepaald moment het meest voor de hand en mensen storten zich op de vertaling. De een heeft een Eritrese vriend, bij een ander komt een buurjongen uit Eritrea (de vader helpt de jongen met zijn Nederlandse huiswerk). Het lijstje komt ook terecht in de Facebookgroep New Neighbours Utrecht.

Zie hier het resultaat:

Vertaling van de Eritrese vriend.



Vertaling van de buurjongen uit Eritrea.

Vertaling in de Facebookgroep.

Nummer 9 (peper) is naar alle waarschijnlijkheid Berbere, een specerij in de Ethiopische en Eritrese keuken. Waarschijnlijk een ingrediënt dat in het buitenland net zo lastig is uit te leggen als speculaaskruiden.

Wauw. Nu weten we dus (a) welke taal het is en (b) wat er staat. Leuk. Of is het meer dan leuk?

De grote winst is wat mij betreft dat zoveel mensen bezig zijn geweest met het uitzoeken welke taal dit is. Dat mensen uit Eritrea zijn benaderd met een gevonden briefje in hun moedertaal. En dat mensen met elkaar het gesprek zijn aangegaan over zoiets eenvoudigs als boodschappen (doen).

En dat allemaal omdat een Eritreeër in Friesland zijn briefje heeft achtergelaten in de Aldi van St. Annaparochie. Dat vind ik #meerdanleuk.